Autobrief 2.0


28 juli 2015

De overheid is van plan het aantal bijtellingscategorieën voor zakelijke autorijders vanaf 2017 terug te brengen naar twee. Dat blijkt uit de Autobrief 2.0 die staatssecretaris Wiebes onlangs aan de kamer heeft aangeboden.

Volgens de staatssecretaris is het huidige systeem van autobelastingen ‘nodeloos complex’. “Met veel marktverstoring als gevolg. Ook leveren de autobelastingen geen efficiënte bijdrage meer aan een schoner en zuiniger wagenpark en zorgen ze voor instabiele belastinginkomsten.” Na het zomerreces komt er nog wel een uitgebreide Kamerbehandeling over het onderwerp. Onderstaande plannen zijn dus nog geen voldongen feit. 

Twee bijtellingstarieven

Vanaf 2017 worden er twee bijtellingstarieven gehanteerd, in plaats van de vijf huidige tarieven. Vrijwel alle leaserijders krijgen te maken met het tarief van 22 procent. Alleen volledig elektrische auto’s - zoals de Volkswagen E-Golf - en auto’s op waterstof vallen onder het tarief van 4 procent. Elektrische voertuigen worden sowieso vrijgesteld van motorrijtuigbelasting. 

Geleidelijke overgang

De veranderingen gaan dus pas in vanaf 2017 en dat gebeurt geleidelijk. De plug-ins houden een kleine korting tot 2019. Zie tabel.

Fiscale prikkels

Met de nieuwe autobelastingen verwacht de overheid meer milieuwinst te boeken. “Dat doet het kabinet door de autobelastingen minder afhankelijk te maken van CO2-uitstoot en in te zetten op een streng Europees bronbeleid. Het kabinet richt de fiscale prikkels op segmenten waar het effect groot is.” Hybrides genieten op dit moment nog fiscale voordelen, maar die bouwt de overheid tussen 2017 en 2020 af.

Bpm blijft

Naast een wijziging van de bijtellingstarieven daalt de aanschafsbelasting bpm stapsgewijs met in totaal 12 procent in 2020. Hiermee komt Wiebes dus niet tegemoet aan een lobby van de autosector, dat vol heeft ingezet op het volledig verdwijnen van de bpm. De motorrijtuigbelasting daalt tot slot voor iedereen. Met uitzondering van de oude diesels zonder fabrieksroetfilter. Zij moeten vanaf 2019 meer betalen. De motorrijtuigenbelasting voor alle personenauto's gaat met 2% omlaag in 2020.

De belangrijkste wijzigingen:

  • Twee bijtellingscategorieën: 22% en 4%
  • Verlaging van de aanschafbelasting personenauto's en motorrijwielen (bpm) voor 2020 met 12%.
  • Verlaging van 2% van de motorrijtuigenbelasting (mrb) voor alle personenvoertuigen.
  • Verhoging van de mrb voor vervuilende dieselpersonenvoertuigen en dieselbestelauto's.
  • Versterking van de fiscale stimulering van volelektrische auto's. Vermindering van de fiscale stimulering van plug-in hybridevoertuigen.

Nog niet definitief

De belangrijke doelstellingen van het kabinet met deze herziening van de autobelastingen zijn het verminderen van de complexiteit van de regels, het terugdringen van de marktverstoring en het effectief houden van duurzaamheidsprikkels. Deze plannen zijn overigens nog geen definitieve wetgeving. Het wetsvoorstel gaat later dit jaar naar de Tweede Kamer. De stemmingen zullen in het najaar plaatsvinden. De plannen kunnen op onderdelen dus nog bijgesteld worden. Wij houden u daarover uiteraard op de hoogte.


De 5 meestgestelde vragen over de Autobrief 2.0

1.  Vanaf wanneer gaan de maatregelen in? Officieel vanaf 1 januari 2017. De gepresenteerde aanpassingen in de bijtelling voor conventionele voertuigen moeten op die datum ingaan. Maar de vermindering op mrb en bpm worden in jaarlijkse stappen ingevoerd. Ook het bijtellingsvoordeel op plug-in hybrides wil Wiebes in jaarlijkse stappen afbouwen. De extra belasting op oude diesels en de berperking van de 4% bijtelling tot een maximum bedrag van 50.000 euro cataloguswaarde zijn pas voor 2019 voorzien. Ook in 2016 verandert er al het een en ander, aan de bijtelling bijvoorbeeld. Het jaar 2016 wordt voor de bijtelling behandeld als 'tussenjaar' omdat Autobrief II is vertraagd. De kabinetsbrief zou de plannen voor de autobelastingen bevatten voor de jaren 2016 tot en met 2019, maar dat wordt nu dus 2017 tot en met 2020. Er moest een oplossing gevonden worden voor 2016. Ook in 2016 gelden er nog verlaagde bijtellingscategorieën zoals dat nu het geval is, al worden ze ten opzichte van 2015 wel aangescherpt.

2.  Zijn de maatregelen in de Autobrief gelijk definitief? Nee, zeker niet. De nu gepresenteerde Autobrief II wordt nog in de Eerste en Tweede Kamer besproken en is dus nog niet definitief. De wetsvoorstellen die uit deze Autobrief voortvloeien, worden dit najaar behandeld in de Tweede Kamer. De nieuwe wetgeving gaat dan in per 2017. 

3.  Gelden deze regels ook als ik dit jaar nog een nieuwe auto lease? Ja en nee. De aanpassingen in de mrb gelden ook voor voertuigen die nu al op de weg rijden. Dus de verlaging van de mrb geldt ook per 1 januari 2017 als u de auto nu al leaset.

  • De bpm wordt afgedragen bij aankoop en dus gelden de regels van 2015.
  • Voor de bijtelling is een uitstekende regeling in het leven geroepen, namelijk de 60-maandenregel. Concreet: als op een bepaalde auto een verlaagd bijtellingspercentage van toepassing is, dan geldt dat percentage (op basis van de huidige wet) voor een duur van 60 maanden. Op de datum eerste tenaamstelling wordt de bijtelling voor het privégebruik van de auto bepaald. Als deze bijtelling 14% of 20% is, dan geldt dit verlaagde bijtellingspercentage dus voor die duur van 60 maanden. Op de laatste dag van de termijn van 60 maanden wordt het bijtellingspercentage opnieuw bepaald volgens de normen die dan gelden. Het bijtellingspercentage en de termijn van 60 maanden zijn gekoppeld aan het kentekenbewijs; ze blijven gelden als de auto van eigenaar of werknemer wisselt.
  • Goed nieuws voor de leaserijder die per nu in een voertuig met 25% bijtelling rijdt: per 1 januari 2017 wordt dit percentage verlaagd naar het dan uniforme 22%-tarief, ook voor lopende contracten. 

4.  Wordt leasen nu duurder? Dat hoeft niet per definitie zo te zijn. Goed, dat behoeft een nadere uitleg. Te verwachten is dat er uiteindelijk twee bijtellingscategorieën overblijven: 4% (elektrische voertuigen) en 22% (de rest). Dat zal voor veel automobilisten – die van 14% en 20% – een achteruitgang zijn. Door de iets lagere bpm en dus een lagere catalogusprijs wordt dit weer voor een klein deel gecompenseerd. Voor de leasers van auto’s met 25% bijtelling, is die 22%  een aardige vooruitgang. Wel blijft er een tarief van 4% bestaan voor zero emission vehicles, de elektrische auto's én auto's die rijden op waterstof. Voor elektrische auto’s geldt vanaf 2019 een maximum van 50.000 euro waarover 4% bijtelling wordt geheven, voor het bedrag daarboven zou  de volle mep van 22% gaan gelden. Uit recent onderzoek blijkt dat liefst 90% van de leaserijders de wijzigingen in het fiscaal beleid voelen als een aanzienlijke lastenverzwaring.

5.  En de bpm, die zou toch volledig verdwijnen? De aanschafbelasting bpm gaat in de plannen van Wiebes stapsgewijs naar beneden, met uiteindelijk 12% in 2020. Over elektrische voertuigen  hoeft geen bpm betaald te worden. Dit lijkt een tegenvaller voor de autosector, maar zonder een CO2-gerelateerde aanschafbelasting zou de vergroening van het wagenpark sterk vertraagd worden. Deze vergroening is nodig om de doelstellingen uit het SER-energieakkoord te halen. Totdat er zicht is op enige vorm van betalen voor gebruik, is een snelle afbouw van de bpm daarom niet heel verstandig. Zoals het nieuws er nu ligt, wordt de bpm enkel verder afgebouwd, maar niet tot nul gereduceerd.